marjori.reismee.nl

Hiken in Alamut Valley

De tweede dag in Iran gaan we samen met twee Nederlandse meiden van het hostel eerst geld wisselen. Voor hen is het de eerste keer overdag op straat, wij zijn al aardig gewend aan het Iraanse straatbeeld. Moderne vrouwen met de hoofddoek halverwege hun hoofd, anderen gekleed in zwarte chadors, die ze heel praktisch met hun tanden vasthouden. Het verkeer, waar je jezelf ongeveer voor moet gooien om over te kunnen steken. Zebrapaden kennen ze wel, alleen niet de regels die wij er bij kennen. We wisselen geld bij een kantoortje, nadat we door verschillende mannen op straat worden aangesproken. De mannen zijn vriendelijk, een briefje met 'I love Nederland'; krijgen we in onze handen gedrukt. We wisselen beide €500,- en krijgen vervolgens een waarde van €500,- in Rial terug. Dit is 500 euro. Yes. Maar we hebben 1000 euro in totaal gegeven. No, this is five hundred. Nu vind ik de briefjes er ook heel oud uit zien. Shit, doen we hier wel verstandig aan? Straks worden we belazerd en het is nu niet iedere dag dat je 1000 euro cash wisselt. Uiteindelijk blijkt het een misverstand en krijgen we twee stapels van 20 miljoen Rial, oftewel 2 miljoen Toman (is 1 nulletje eraf) in onze handen. Tja waar laat je zoveel geld. Een beetje gelaten zoeken we een koffiebar, waar we op het toilet het geld wat beter wegbergen.

Na de koffie nemen we afscheid en gaan we met de bus naar Qazvin, op naar Alamut Valley. Anderen boeken een tour om de bezienswaardigheden in dit gebied in een dag te kunnen zien. Wij zijn allebei niet zo van het vooruit plannen en georganiseerde tours al helemaal niet. We vertrekken met soort van drie opties/ideeën wat we kunnen doen of waar we mogelijk kunnen overnachten. Het liefste gaan we hiken en echt in de bergen slapen, alleen hebben we geen tent of slaapzakken en laat het nou best fris zijn in de bergen. Via couchsurfing leren we Rasoul kennen, die ook een gids is in het gebied. Misschien is hij beschikbaar vertelt hij ons, we houden contact.

De weg naar Qazvin wordt steeds groener. Daar aangekomen bel ik Rasoul, die toevalligerwijs ook bij de terminal is. Hij heeft een Frans koppel bij zich. Hij vertelt ons dat we bij hem kunnen overnachten en eventueel samen de bergen in kunnen. Over de prijs hoeven we ons geen zorgen te maken. Top, ook weer geregeld. Wij rijden met zijn vieren in een taxi naar het dorpje Razmian, Rasoul op de motorbike. We rijden door de bergen om na twee uur in de vallei terecht te komen. De bergen, rood, paars, geel gekleurd, vormen een mooi contrast met de groene vallei. Het laatste stukje moeten we lopen omdat ze met de weg bezig zijn. Daar loop je dan, tweede dag in Iran, door een dorpje bestaande uit een paar huisjes van klei, nog onwetend waar en hoe je zult slapen.

We worden ontvangen in de woonkamer, die gemeubileerd is met verschillende tapijten op de grond en een tv in de hoek. We krijgen eerst thee, die de moeder van Rasoul komt brengen. We kletsen over Iran, allerlei culturele verschillen en veel historische gebeurtenissen. Je leert nog eens wat. Ondertussen heb ik best trek gekregen en begin ik te twijfelen of we überhaupt nog gaan avondeten.
Als ik me er bijna bij neer heb gelegd, komt de moeder van Rasoul met een groot dienblad met eten: kip, rijst, tomaat, komkommer en soort huisgemaakte friet. Er wordt een plastic kleedje neergelegd en we eten op de grond. Op de achtergrond horen we hypnotiserend gezang. Ik herken het een beetje, het heeft tevens met Muharram te maken, waarbij de mannen zichzelf op de borst slaan.
Na het avondeten maken we een plan voor de komende dagen. Ik ben moe en vind het lastig te volgen. Rasoul lijkt te twijfelen over mijn kunnen. You have experience with hiking? Man, ik ben als kind doodgegooid met wandelen en ja, nu ga ik op vakantie altijd met plezier hiken. Mijn laag mascara is misschien wat dikker dan normaal (ik dacht, laat ik net wat meer make-up op doen zoals de vrouwen hier) maar word ik nu als meisje-mejsje ingeschat? Ik laat het rusten en uiteindelijk hebben we een plan. Rasoul moet nog werken op de boerderij van zijn vader en zullen de volgende ochtend eerst bij de boerderij gaan kijken en met zijn zus een nabij gelegen kasteel bezoeken, om daarna een korte hike te maken. De dag erop wordt een volle dag hiken. Op de derde dag kunnen we dan nog naar Alamut Castle, wat 85 km verderop ligt. Die nacht slapen we op het tapijt met nog een deken om het ietwat comfortabeler te maken. Om kwart voor vijf worden we wakker door gezang, de oproep voor het gebed. Effectief wel, we zijn alle vier wakker.

Om half acht komt Rasoul met het ontbijt: we noemen het maar even krantenpapierbrood met fetakaas, jam en thee. Het smaakt goed. Rasoul deelt ons mee dat het plan veranderd is, we gaan eerst naar het kasteel. Ok prima, de taxi is al geregeld, hoewel het maar 4 km verderop is. Pas als we een tijdje in de taxi zitten realiseren we ons dat we naar het verder gelegen Alamut Castle gaan. Onderweg stoppen we voor zogeheten 'Nazri'. Het is het gratis eten/drinken wat wordt uitgedeeld vanwege Muharram. Mensen geloven dat ze het ooit in hun leven weer op een manier terugkrijgen. Goed voor de karmapunten. We krijgen thee, dadels en koekjes. Verschillende mensen van het dorp komen hun lekkernij afgeven bij twee jongens die het vervolgens uitdelen bij een kraampje. Zo hoeft niet het hele dorp de hele dag op straat te staan dingen uit te delen, maar doet toch iedereen mee.
Bij Alamut Castle nemen we 1,5 uur de tijd om de ruïnes te bezoeken. Het staat bovenop een bergrots, en was indertijd moeilijk te doordringen. De bewoners hebben het anderhalf jaar binnen volgehouden tegen de Mongolen, totdat ze toch te zwak waren. Vanaf de ruïnes hebben we een mooi uitzicht over de vallei. Je ziet duidelijk dat mensen zich hebben gesetteld waar grondstoffen zijn. Waar het groen is, staan huisjes. Het doet me dan ook erg aan Kolonisten van Catan denken, maar alleen ik begrijp die vergelijking.
Als we terug bij Rasoul komen, heeft de moeder een lunch voor ons klaar. We pakken onze spullen voor de komende nacht, we slapen namelijk 'here'. Even later begrijp ik dat we niet hier, maar ergens anders, in het dorpje 'Hir' slapen. Verwarrend.

Na de lunch bezoeken we de boerderij, waar Rasoul een soort hostel wil beginnen. Het heeft zeker potentie, met prachtig uitzicht over rijstvelden, fruitbomen in de tuin, maar er moet nog wel het een en ander gebeuren. Opnieuw verbaast het me hoe ik me thuis voel op het platteland en vraag ik me ergens af wat ik thuis in de stad doe. Aan de andere kant, zo ver van alles, is ook weer zo wat en bovendien ben ik in twintig minuten op het strand. De familie is druk bezig met rijst oogsten. De velden zijn veel droger dan ik me had voorgesteld bij een rijstveld. Na het oogsten lopen we verder door de vallei, langs pistache- (! eerste in mijn leven), hazelnoot- en druivenbomen. Het laatste stukje naar Hir gaan we met de taxi. Daar aangekomen gaan we naar een huisje bij een rivier, van een vriend van Rasoul, waar we op een vuurtje thee en omelet klaarmaken. In Nederland moeten er ook meer kampvuurtjes komen bedenk ik me. De omelet eten we binnen op de grond op, met krantenpapierbrood.
Geraume (de Franse jongen) en ik bespreken het gemis van alcohol. Thuis zou je in gezelschap van vrienden, zo bij een kampvuurtje al snel een koud biertje open hebben getrokken. En zeker in Frankrijk misstaat een fles wijn bij het avondeten niet. We zien het als een kans, een maand geen alcohol. In Nederland en Frankrijk zou je al snel in verleiding gebracht kunnen worden. Na het avondeten worden we vergezeld door drie vrienden van de vriend van Rasoul. Allen komen uit het dorpje en spreken geen Engels. De mannen krijgen een hand als begroeting, wij vrouwen worden nieuwsgierig aangekeken. Ook al spreken we geen Farsi, het is duidelijk dat ze het over ons hebben. Ze willen waterpijp met ons roken. 'Oh, shisha opper ik', waarop Rasoul me uitlegt dat in Iran shisha iets anders is, een sterk poeder, zoiets als heroïne. Ok, goed om te weten voordat ik nog als junk terug kom. Buiten bij het vuur roken we waterpijp en eten we zonnebloempitten ook een gebruik tijdens Muharram. Ik leer een paar worden Farsi, maar omdat ik de klanken allemaal op elkaar vind lijken kan ik niet goed onthouden wat wat is en zeg ik de verkeerde dingen. Zoals bloody dreams in plaats van sweet dreams. Niet echt aardig om dat iemand te wensen.
Die nacht slapen we weer op de grond, op een iets dikkere deken dan de nacht ervoor.

De volgende ochtend ontbijten we opnieuw met krantenpapierbrood, kaas, jam en thee. Nieuw in het assortiment zijn de dadels en warme melk. Bepakt en gezakt gaan we op pad. Ik heb zoveel mogelijk warme kleding mee die in mijn kleine backpack past en een slaapzak aan mijn tas gebonden. Op langzaam tempo gaan we op pad. Te langzaam voor Loriana en mij en we halen Rasoul in. Zie, we kunnen wel hiken. Rasoul is het er echter niet mee eens, we moeten eerst opwarmen. Maar op een slakkentempo de berg op word ik alleen maar moeier. Rasoul gaat het pad af en we moeten een steiler stuk over losse stenen. Als dit stuk er op zit, meldt Rasoul ons dat we geslaagd zijn voor 'de test', nu durft hij met ons de summit op. Helaas heeft Lor nu meer last van haar enkel, van een oude wakeboardblessure gekregen. Ze vraagt of ze na de lunch verder kan met de vriend die ons eten en water op de berg komt brengen, op de motorbike. Laat ze nou net al sinds Teheran aankondigen dat ze graag op een motorbike wil rijden. Het kan, komt dat eens even goed uit. We lopen eerst langs een riviertje, die we drie keer oversteken. Ik voel me weer even het kind van vroeger, altijd bij beekjes spelen, net doen of je Pocahontas bent. We gaan toch niet in het dorp lunchen, maar iets verder op de berg. Ondertussen schijnt de zon hoog aan de hemel, snikheet. Als we een plekje in de schaduw hebben gevonden, komen we erachter dat we het brood zijn vergeten. Voor ons niet zo'n probleem, we eten de bonen in tomatensaus wel zonder, voor Rasoul blijkt het ongeveer prioriteit nummer één en belt zijn vriend op de motorbike om naast water en eten voor vanavond, brood voor nu te brengen. Er blijkt wat miscommunicatie en wachten ruim een uur op het brood. Ondertussen genieten we van het uitzicht en doen we een dutje. Het uitzicht wordt nog idillischer als er een nomad met zijn geiten voorbij komt lopen.

De vriend op motorbike heeft ons eindelijk gevonden en na de lunch met brood en bonen lopen we verder. Lor gaat bij Rasoul achterop de motor, de vriend begeleidt ons. Onderweg kunnen we onze flessen met water vullen bij een beekje. Ik vertrouw het niet, het water stroomt niet goed en ik zie plastic erin drijven. En what about de geiten, die hebben ook hun behoefte gedaan. Boven op de berg zal er weer water zijn, dat laatste stukje hou ik wel vol. Het laatste stuk is wat steil, als we twee topjes hoger zijn zie ik al de 'shrine' en kan ik rustig aan doen. Boven staat Lor me al op te wachten. We drinken thee en ik haal de meegebrachte stroopwafels uit mijn tas. Leuk als bedankje voor Rasoul denken we. 'Oh we have something far more delicious'. Nou, ik dacht dat we in Nederland direct waren. Er kan ook geen bedankje van af. Later krijg ik wel een arm om me heen. Hij wisselt zijn versierpogingen af tussen Lor en mij, maar geen van beiden trapt er in.

Loriana en ik bewonderen de zonsondergang vanaf het hoogte puntje. Weer zo'n moment: zit je dan, boven op een berg, in Iran. Wat is het hier mooi. En wat hou ik toch van bergen. Als de zon onder is koelt het snel af en gaan we de shrine in. We spelen een spelletje 'Cambio', wat ik vorig jaar in Panama heb geleerd (zo probeer ik het spel wereldbekend te maken), terwijl Rasoul ondertussen het eten opwarmt. Na het eten klimmen we onze slaapzakken in. Lor en ik ritsen die van ons aan elkaar, ook al denkt Rasoul een beter idee te hebben. 'No, we do it our way', nadat hij maar blijft zeuren. Ik krijg een beetje het gevoel dat het diep in de cultuur gesleten is dat vrouwen toch tweederangs burger zijn. Moet je net ons hebben, twee eigenwijze zelfstandige vrouwen. De grond ligt toch vrij hard, maar we hebben het in ieder geval lekker warm en lepeltje lepeltje met een graftombe lig je ook niet iedere dag. We horen een hard geluid, even denk ik nog dat het misschien een wolf is buiten, of een geit, maar het blijken muizen te zijn, die ons brood buitmaken. Dan was dat gekietel in mijn haar toch niet de hand van Lor..

Ondanks de weinig slaap staan we met zijn tweeen om 6 uur op. Tien minuten later zien we de zon boven de bergtoppen uitkomen. Zeker de moeite waard. Letterlijk een hoogtepunt van onze trip, dat weet ik nu al zeker. De anderen komen een uur later hun slaapzak uit. Na het ontbijt, de muizen hebben nog wel iets over gelaten, dalen we af. We nemen een andere route en komen na anderhalf uur bij een weg aan, waar een auto met chauffeur ons op staat te wachten. In de auto klinkt er weer een mannenstem en ik vraag me hardop af of vrouwen ook mogen zingen. 'Off course, before the revolution', klinkt het luchtig. Nu gaan de zangeressen naar het buitenland. Alsof dat zo makkelijk is. We wisselen van auto en chauffeur. Als we na een bergritje terug in het dorp komen, voelt het alsof de rem het niet meer zo goed doet en ruikt het vreemd. Niet zo gek, als je de handrem er vergeet af te halen. De remmen, of het dingetje wat het vastgrijpt, - ik ben geen techneut-, is weggesmolten en de auto rookt. Met water wordt het afgekoeld en we rijden door naar huis, gelukkig nog een klein stukje. Thuis pakken we onze tassen in en werpen we nog een blik op het kleed wat de twee zusjes aan het maken zijn. In totaal zullen ze zes maanden bezig zijn, à 5 uur per dag en vragen ze er €550,- voor. Ik durf niet eens uit terekenen wat hun uurloon is. De taxi is ondertussen gerepareerd en we nemen afscheid van Rasoul en zijn familie.

Vanaf Qazvin nemen we alle vier de bus naar Tehran, waar we overstappen op een bus naar Kashan. In de bus maak ik een nieuw vriendinnetje, een 5-jarig meisje. Verstoppertje spelen is immers internationaal bekend. Helaas houdt mijn taalkennis op na 'hoe heet je', 'hoe gaat het', en tot tien tellen. Ze wil met me op de foto en klimt haast op schoot. Als we haar een Delftsblauw klompje geven blijft ze nog even zitten.
De buschauffeur regelt een taxi voor ons naar het hostel, waar we achteraf te veel voor betalen. Ik dacht dat het aan mij lag, dat ik de prijzen in Toman en Rial door elkaar had gehaald, maar nee, de eerste 'oplichting' is een feit. Gelukkig gaat het om een paar euro.

Reacties

Reacties

Heidi

Wat genieten jullie van deze mooie reis en wij van je verhalen veel plezier globetrotter

Brigitte

Erg leuk om je verhalen (vanmorgen bij het ontbijt)te lezen! Veel plezier nog.

Yvette

Ha Marjori,
Wat leuk om te lezen!
Geniet van je verdere reis.
Groetjes!
Ps hier hebben we ook muizen op de flexkamers

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!